Perceptief gehoorverlies

Perceptief gehoorverlies

Een perceptief gehoorverlies wordt veroorzaakt door een aandoening in het binnenoor. Dit ten gevolge van een beschadiging of disfunctie t.h.v. de haarcellen, de zenuwvezels of de verbinding van de zenuwvezels met het slakkenhuis. Is een onderdeel beschadigd, dan vermindert of verdwijnt het vermogen om mechanische energie om te zetten in elektrische impulsen.

Karakteristieke kenmerken van een perceptief gehoorverlies
  • Moeilijkheden om geluiden te horen, vooral zachte geluiden
  • Moeilijkheden om uit een aantal geluiden een bepaald geluid te onderscheiden, zelfs als dit een hard geluid is
  • Zachte geluiden worden als veel te zacht waargenomen en luide geluiden vaak als te luid (verstoorde luidheidsperceptie) 
  • Wel iets horen, maar niet verstaan
  • Een perceptief gehoorverlies gaat soms gepaard met tinnitus (oorsuizen) en/of duizeligheid (vertigo)
Oorzaken van een perceptief gehoorverlies:
  • Ouderdom
  • Lawaaibeschadiging
  • Erfelijkheid, aangeboren
  • Ziekte of medicijngebruik
Behandeling

Een perceptief gehoorverlies kan niet worden verholpen met een operatie of met medicijnen. Veel mensen met een perceptief gehoorverlies hebben echter wel baat bij het gebruik van hoortoestellen.

Tips voor mensen met een normaal gehoor

Hier vindt u enkele tips over hoe u kunt bijdragen aan een geslaagde communicatie met een slechthorende:

  • Vermijd achtergrondlawaai en een slechte akoestiek als u met een slechthorende praat. Bevindt u zich in een kamer waar het niet stil is, ga dan even naar buiten, of zoek een kamer op waar u wel kunt praten. Zet het geluid van de radio of de TV even uit. Staat er aan de straatkant een raam open, doe dit dan dicht zodat u niet wordt gestoord door verkeerslawaai.
  • Trek de aandacht van de slechthorende. Raak hem of haar even aan, klop op de tafel en kijk hem of haar direct aan, zodat duidelijk wordt dat u iets wilt zeggen. Vraag andere mensen om even wat zachter te praten. Houd pen en papier bij de hand als dat nodig zou zijn.
  • Geef het onderwerp aan waarover u wilt praten met behulp van enkele sleutelwoorden (bv. ‘we hebben het over Rita’s dochter’ of ‘we praten over Steven’s werk’).
  • Spreek niet allemaal tegelijk, maar één voor één.
  • Zorg voor voldoende verlichting in de kamer – kaarslicht is weliswaar erg gezellig, maar de slechthorende kan daardoor niet goed liplezen. Zorg ervoor dat uw gezicht goed is verlicht als u praat. Hierdoor wordt liplezen eenvoudiger.
  • Bedek uw mond niet (bv. achter een krant of met uw hand), hierdoor wordt liplezen onmogelijk.
  • Spreek niet met volle mond, de verstaanbaarheid van wat u zegt wordt daardoor bemoeilijkt.
  • Wees u ervan bewust dat mensen met een gehoorverlies tijdens een gesprek sneller vermoeid raken dan mensen met een goed gehoor.
  • Vraag of uw gesprekspartner behoefte heeft aan een luisterpauze, of zich misschien even wil terugtrekken.
  • Spreek op een normaal volume als u naast een slechthorende staat. Verhef niet uw stem en spreek nooit met luide stem rechtstreeks in het hoortoestel.
  • Articuleer goed en maak duidelijke, goed zichtbare mondbewegingen, maar overdrijf hierbij niet.
  • Roep of praat niet vanuit een andere kamer.
  • Spreek nooit tegen een slechthorende als deze met de rug naar u toe staat. Ga naast hem staan en probeer de aandacht te trekken.
  • Blijf in een gesprek met een slechthorende niet naar een scherm of toetsenbord kijken.
  • Ga nooit met uw rug naar een raam of een open deur staan. Het licht uit het raam of de deur schijnt de slechthorende in de ogen en zorgt ervoor dat u in de schaduw staat. Dit betekent dat de slechthorende niet goed uw mond kan zien als u praat.