Hier vindt u advies over hoe u kunt bijdragen aan een geslaagde communicatie met een slechthorende.
Vermijd achtergrondlawaai en een slechte akoestiek als u met een slechthorende praat. Bevindt u zich in een kamer waar het niet stil is, ga dan even naar buiten, of zoek een kamer op waar u wel kunt praten. Zet het geluid van de radio of de TV even uit. Staat er aan de straatkant een raam open, doe dit dan dicht zodat u niet wordt gestoord door verkeerslawaai.
Trek de aandacht van de slechthorende. Raak hem of haar even aan, klop op de tafel en kijk hem of haar direct aan, zodat duidelijk wordt dat u iets wilt zeggen. Vraag andere mensen om even wat zachter te praten. Houd pen en papier bij de hand als dat nodig zou zijn.
Geef aan waarover u wilt praten met behulp van enkele sleutelwoorden (bijv. ‘we hebben het over Rita’s dochter’ of ‘we praten over Steven’s werk’).
Spreek niet allemaal tegelijk, maar één voor één.
Zorg voor voldoende verlichting in de kamer – kaarslicht is weliswaar erg gezellig, maar de slechthorende kan daardoor niet goed liplezen.
Bedek uw mond niet (bijv. achter een krant of met uw hand), hierdoor wordt liplezen onmogelijk.
Spreek niet met volle mond, de verstaanbaarheid van wat u zegt wordt daardoor bemoeilijkt.
Vraag of uw gesprekspartner behoefte heeft aan een luisterpauze, of zich misschien even wil terugtrekken.
Vraag of uw gesprekspartner een rustige kamer nodig heeft om uit te rusten.
Spreek op een normaal volume als u naast een slechthorende staat.
Articuleer goed en maak duidelijke, goed zichtbare mondbewegingen, maar overdrijf hierbij niet.
Roep of praat niet vanuit een andere kamer.
Spreek nooit tegen een slechthorende als deze met de rug naar u toe staat. Ga naast hem staan en probeer de aandacht te trekken.
Blijf in een gesprek met een slechthorende niet naar een scherm of toetsenbord kijken.
Zorg voor voldoende licht
Ga nooit met uw rug naar een raam of een open deur staan. Het licht uit het raam of de deur schijnt de slechthorende in de ogen en zorgt ervoor dat u in de schaduw staat. Dit betekent dat de slechthorende niet goed uw mond kan zien als u praat.
Zorg ervoor dat uw gezicht goed is verlicht als u praat. Hierdoor wordt liplezen eenvoudiger.